biekesblog


dinsdag 4 april 2017

Ronde zonder finish: brief aan mijn broer

-->
In mijn vergeelde herinnering liggen wij plat op onze buik, jij en ik. We liggen op de overloop voor onze kamers, elk met een pelotonnetje plastic wielrennertjes. Rennertjes die we een voor een verplaatsen volgens onze eigen dynamische spelregels.  Jij kreeg altijd Eddy Merckx, wat uiteraard oneerlijk was en tot hoog oplopende disputen zou leiden. De plastic Merckx had van jou een truitje in gele plakkaatverf gekregen. De morsige stippen op mijn Van Impe deden meer aan een paddestoel denken dan aan een klimkampioen.
Zo speelden wij de Ronde van Frankrijk na, landerig hangend op hete zomerdagen.

De plastic rennertjes gingen verloren. De koersmicrobe nooit. Jouw liefde was passioneel, loyaal en doorleefd. De mijne toonde zich al eens ontrouw, maar bleef toch stevig overeind. Tientallen jaren later wisselden we sms’jes uit op hoogdagen als de Ronde en Parijs-Roubaix, berichten die jouw onvoorwaardelijke steun aan Boonen en mijn liefde voor de sympathiekste Zwitser vriendelijk, gedogend, maar onverzettelijk tegenover elkaar plaatsten. Wie er ook won, een feest was het in ieder geval.

Een enkele keer heb ik de koers gehaat: die ene Ronde van Vlaanderen, 6 jaar geleden, op weinig heroïsche wijze gewonnen door de wat knullige Nick Nuyens. De Ronde waarvan jij de finish nooit zou zien. De ronde die in jouw laatste herinnering voor eens en altijd gewonnen werd door Philippe Gilbert, die je zo bewonderde en die nog hoopvol voorop lag toen je ons zomaar achterliet.
Dat je allerlaatste woorden uitgerekend “wie wint de ronde?” moesten zijn.

De Ronde zou nooit meer hetzelfde worden. Elke hoogdag voor de koers is een rare dag geworden, een dag die alleen maar over jou lijkt te gaan.
Ik vloek nog altijd even onpedagogisch luid wanneer een held tegen het asfalt smakt. In gedachten tik ik de woorden die ik je zou sturen: “Hij gaat het niet halen!” of “Wat een klote val!”.

Toen zondag Philippe Gilbert eindelijk en onverwacht die begeerde Ronde won, wist ik niet of ik moest lachen of huilen. Het werd een rare combinatie van de twee. Breed grijzend wandelde hij over de streep, zijn fiets triomfantelijk in de lucht. Alsof hij jou zeggen wou dat je alsnog gelijk had gekregen. Ik weet zeker dat jij even breed hebt teruggegrijnsd, zoals alleen jij dat kon.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen