biekesblog


zondag 30 juli 2023

TdFF2023: Hoogtepunt

 Vollering kraakt Van Vleuten op Tourmalet en grijpt macht in Tour de France

Stoppen op je hoogtepunt is weinig wielrenners gegeven. Stoppen met koersen is immers lastig. Je hebt nooit iets anders gedaan, je kent niets anders, je kan niets anders, je ziet geen leven voor je zonder koers.

Dus doe je verder zolang het kan, zolang je lichaam luistert, zolang er hoop is op een zege.

De meesten hangen hun fiets aan de wilgen tussen hun 35ste en hun 40ste.

Op 8 oktober wordt Annemiek Van Vleuten 41 jaar. Twee keer wereldkampioen tijdrijden, twee keer wereldkampioen op de weg. Olympisch kampioen tijdrijden. Viervoudig winnaar van de Giro d’Italia, drievoudig winnaar van de Vuelta Feminina en winnaar van de eerste editie van de Tour de France Femmes. Een Palmarès dat niet op een fietsplaatje past.

Ach taaie Annemiek, met haar harkerige stijl en haar krankzinnige trainingsprogramma, zo eentje waar veel mannen niet eens aan beginnen. 

 

Annemiek reed vandaag de laatste bergrit van haar leven, eentje met een ronkende naam bovendien. Geen berg werd zo vaak beklommen door een peloton Tourrenners dan de Tourmalet. Of ze ernaar uitkeek, vroeg een jolige journalist voor de start. “Nee” was het logische antwoord, gezien de wreedheid van de col in kwestie. Niemand kijkt uit naar lijden. Je doet het gewoon, omdat je het kan.

 

De afscheidsbergrit van Van Vleuten moest de ontknopingsrit worden van deze Tour. Het Grote Duel tussen de twee rondekoninginnen zat er aan te komen. Annemiek zweette als een paard. Demi, neus in de lucht, in haar wiel. Geen blik gunden ze elkaar. Annemiek die het op haar heupen kreeg van Demi’s weigerachtigheid en in de remmen ging. Demi die haar niet aankeek. Ijsgekoeld werd de tweestrijd geserveerd.

Het was geleden van de Tour Féminin van 1989 dat ik twee vrouwen zag surplacen op een berg omdat ze elkaar het licht van de zon niet gunden. Dat deze twee over een paar weken samen in één ploeg naar de wereldtitel dingen deed mij medelijden krijgen met de Nederlandse bondscoach.

 

Achter de tenoren reed een select groepje klimmers met daarin Lotte Kopecky, de vrouw die niet zo gek lang geleden een sprinter werd genoemd en helemaal geen klimmer heet. Voor hen uit reed Katarzyna Nieuwiadoma, Kasia voor de vrienden, derde hond in het spel met het been. Dingen die deden dromen van onvermoede stunts.

Een vijftal km voor de meet deelde Vollering de langverwachte genadeslag uit en maakte ze brutaal een einde aan de dromen en aan de heerschappij van Annemiek Van Vleuten, een van de taaiste wielrenners ooit. 

Als zesde over de meet in de mist: Lotte Kopecky, in het geel, stuntvrouw van de dag, voer voor wilde dromen.

zaterdag 29 juli 2023

TdFF2023: Consequent

 Het wielrennen kent velerlei mysteries, die we niet allemaal wensen op te helderen. Wanneer alles helder wordt als een alpenbeekje valt er niets meer te dromen of te fantaseren. Een van de mysteries waarover ik me al decennia het hoofd breek betreft de diepere gronden van het denken en handelen van de UCI, een orgaan waar niemand omheen kan fietsen, maar dat bij momenten meer irriteert dan kwakkelzomers of hittegolven.

🎥 Twintig seconden tijdstraf voor Vollering na grote risico's van SD Worx  en stayeren door lekke band | Indeleiderstrui.nl


Wie al een half mensenleven naar de koers kijkt heeft de zotste dingen gezien en zich ontelbare keren afgevraagd hoe deze of gene actie in vredesnaam mogelijk was en waar de jury was om een of andere gevaarlijke of verboden frats te bestraffen. Elleboogporren en kopstoten; zwiepende sprinters, handgemeentjes na de meet; op hol geslagen en halfblinde ploegleiders achter het stuur, renners aan de klink en bidons met contactlijm. Dingen die passeerden omdat de koers de koers was. Sinds de aanzwellende roep om veiliger en fairdere koers durven juryleden al eens een sanctie opleggen. 

 

Deze Tour de France Femmes lijkt zich te ontrollen als een soort gevorderdenkamp voor juryleden. In 24 uur tijd werden meer zware sancties uitgedeeld dan in 5 jaar mannentour. Ik heb niets tegen strenge sancties. Ik heb wel iets tegen inconsequentie; tegen nu eens zus en dan weer zo, alsof je je kind de ene dag een pond zure beertjes geeft om de volgende dag te preken over het belang van tandzorg; tegen dingen die enkel niet mogen wanneer iemand ze filmt.

Op dag zes werden er twee ploegleiders onverbiddellijk huiswaarts gestuurd, vast beduusd over zoveel accute ernst en daadkracht, na decennia in de coulante mannenkoers. Ik ben nu al benieuwd welke ploegleider er in de nakende Vuelta voor mannen naar huis moet, want dat er drie weken lang niet gestayerd, geblunderd of geplakt zal worden is een sprookje. 

 

Ach, in onzekere tijden verlangt een mens naar duidelijkheid, naar een soort van orde en overzicht, naar een teken van structuur, dingen die men beter elders zoekt dan in de koers.

Waar niemand naar verlangde was een idioot geaccidenteerde finale met een S-bocht en een setje tramsporen in de laatste kilometer, een parcoursgeinigheidje dat door de UCI werd goedgekeurd.

Waar ik al helemaal niet naar verlangde was de zoveelste gemiste kans en gefrustreerde stuurmep van een getergd Lotte Kopecky, opnieuw de pineut van schijnbaar contrasterende belangen en misrekening.

vrijdag 28 juli 2023

TdFF2023: Lamlendig

 As it happened: Bauernfeind wins Tour de France Femmes stage 5, Vollering  receives time penalty

Ville Rouge Albi was al vaak het decor van overgangsetappes in de Tour en blijft een notoire aankomstplek voor wielerhelden, de ene naam al tijdlozer dan de andere. Ik had wel zin in een tijdloze winnaar, eentje in een gele trui met cachet, maar de Tour laat zich niet wensen of gebieden.

Dag vijf, 33 graden Celsius heet en de eerste zieken hadden zich gemeld met maag- en darmproblemen, een lastig te vermijden kwaal waarmee je geen uren op de fiets wil zitten.

Een rondewedstrijd overleven vraagt om een ijzeren gestel en wat geluk. Soms laten beide het botweg afweten.

 

Omstreeks km 70 zag ik de piepjonge Julie De Wilde moederziel alleen achter een potige kopgroep spartelen. Julie die bijna haar nek brak in Parijs-Roubaix, covid kreeg, met een allergie bleef sukkelen, de kerstperiode doorbracht in bed met griep, en vervolgens haar sleutelbeen brak, dit alles in één jaar tijd, alsof het universum en de wielergoden het op haar gemunt hadden. Het ziet er allemaal leuk en lollig uit, al dat gefiets; een leuk betaalde hobby. Maar soms is het gewoon doffe ellende en deemoedig wachten tot je lot keert en de dingen beter gaan.

 

Eerder op de dag hadden wij Marianne Vos zien lossen. Marianne Vos zien lossen en wegzakken doet pijn aan de ogen en het hart. Marianne is groter dan de koers, een icoon, een levende legende, een rolmodel, een vrouw uit één stuk carrara marmer van de duurste soort. Maar zelfs het goddelijke gestel van Marianne Vos is niet onfeilbaar en sputtert in de nasleep van een operatie aan haar bekkenslagader. De koers wacht zelfs niet op Marianne.

 

Ruben en Ine maakten zich omstandig druk over de lamlendige passiviteit van iedereen in de groep die achter de ontsnapte Ricarda Bauernfeind reed, alsof de etappe niet meer was dan een aperitiefhapje voor de Grote Dag op de Tourmalet. Rekenen, sparen, doseren, vooruit kijken: zo worden Tours gewonnen, maar geen ritten. Terwijl 90 % van het peloton een paar ribben verkoopt voor een ritzege in de Tour.

Net op tijd of net te laat werd hogesnelheidstrein Marlen Reusser als derny van dienst naar het front gestuurd. Net lang genoeg om ons kortstondig te doen geloven dat het erin zat, dat niets verloren was, dat het zowaar nog zou kunnen spannen. Ach… het enige dat nog zou spannen was het helmriempje onder de veelzeggend op elkaar geklemde kaken van Lotte Kopecky. Niets dan bewondering voor renners die gedroomde kansen aan hun neus voorbij zien gaan omdat hun eigen ploeg bizarre keuzes maakt, maar niet met hun bidon smijten.

dinsdag 25 juli 2023

TdFF2023: Kaakslag

Julie Van de Velde strandt in zicht van de haven: "Toch overheerst  tevredenheid" | WielerFlits

Er zijn veel soorten koerskijkers. De occasionele kijker (want je wil een beetje kunnen meepraten op het werk en tijdens de barbecue of je verveelt je stierlijk); de toeristische kijker (hoofdzakelijk geïnteresseerd in zonnebloemvelden, vulkanen, kastelen en bergmeren); de basiskijker (stipt de belangrijkste klassiekers en de Tour de France aan in de agenda); de supporterkijker (vurig en onvoorwaardelijk fan van renner x of y, want die is van de streek of is aangetrouwde familie van een achtertante); de gedwongen kijker (lief, partner, familielid van een renner en zou eigenlijk liever iets anders doen, maar ja); de freak (mensen als de auteur van dit stukje die uitkijken naar de Ronde van het Baskenland of de Simac Ladies Tour); de chauvinistische kijker (die de koers alleen de moeite vindt als er een landgenoot wint). Enige overlap tussen deze categorieën is denkbaar.

Een bijzondere categorie, subcategorie van de chauvinististen en de fans, die zich recentelijk vrij luid en zichtbaar manifesteert, is de kaakslagkoerskijker. Immer verongelijkt, steevast tekort gedaan, heilig overtuigd dat hun favoriete renner niet het respect en de ondersteuning geniet waar die recht op heeft; dat die achtergesteld, nee vernederd wordt door ongekwalificeerde en schromelijk onbekwame miscasts van ploegleiders en aanstootgevend egocentrische collega’s die hem/haar gedroomde en vitale kansen ontnemen. 

Het fenomeen is even interessant als irritant, maar neemt vooral veel ruimte in en daar is er al zo weinig van.

 

Wout en Lotte hebben het geluk en de malchance om deel uit te maken van de beste ploeg van het peloton, in beide gevallen een Nederlandse ploeg bovendien, een detail dat er misschien wel toe doet. Ploegen die de zeges aan elkaar rijgen als kraaltjes aan een ketting. Ploegen vol potentiële winnaars en met meer ambitieuze stafleden dan fietsonderdelen. Ploegen die ergeren omdat ze domineren want dominantie, daar houden de mensen niet van. Zelfs wanneer de topfavoriet voor het eindklassement de fiets en de rug dubbel plooit voor hen zijn de kaakslagkoerskijkers ervan overtuigd dat het halfslachtig of met tegenzin gebeurde en dat hun idool beter af zou zijn bij een andere ploeg. Veel mensen zien de werkelijkheid enkel door hun hoogst persoonlijke filter van percepties en projecties. Wat de renners zelf vinden en voelen is ruis.

 

Het zal SD Worx aan hun kont roesten, want geel is geel en winnen is winnen. En winnen zullen ze blijven doen, zeker als de rest van het peloton zich zo compleet laat verlammen door hun soortelijk overwicht dat ze niet eens proberen om hen te verslaan. Daarom alleen al was ik dankbaar voor de panache en de heldhaftigheid van Julie Van de Velde, die zich solo naar de met knokte en haar mooie liedje bijna uitzong.

TdFF2023: Sisser

Liane Lippert wins stage two of Tour de France Femmes after rainswept drama  | Tour de France Femmes | The Guardian

Dag twee en de nauwelijks opgewarmde rensters kregen meteen de meest afmattende etappe voor de wielen. Tussen Clermont-Ferrand en het onbeduidende Mauriac lagen 6 gecategoriseerde colletjes en het hoogste aantal hoogtemeters van de hele Tour. Op en af en op en af en weer op, hobbelend door de Auvergne, van het ene kasteel naar het andere, met een brute kuitenbijter op een kilometer van de finish.

“Misschien wel de koninginnenetappe”, noemde favoriete Demi Vollering de rit op waarschuwende toon. Niemand had met aandacht geluisterd, want om eender welke bizarre reden kregen we pas live beelden om 15u20, ruim twee uur na de start, toen Marianne Vos en Lorena Wiebes al een keer waren gelost en er een setje moedige vluchters was teruggegrepen. De lijst met dramatische en omwentelende feiten die kunnen gebeuren in twee uur koerstijd is langer dan een column.

Aandacht voor het vrouwenwielrennen allemaal goed en wel, maar te enthousiast mogen we blijkbaar ook weer niet worden. Live uitzending van bij de start, een sporza live stream en regelmatige radio-updates zijn merkelijk nog een brug te ver. Heel even, in een onbewaakt moment van frustratie, hoopte ik dat Lotte er een half uur voor de uitzending vandoor zou scheuren na een verschroeiende demarrage. Dat zou ze leren.

 

Niet Lotte, maar drie andere vrouwen gingen er vandoor, en hard ook. Het zag er goed uit voor het trio. Wat er minder goed uitzag was het weer, dat omsloeg als de sfeer op een trouwfeest wanneer de dronken ex van de bruid opdaagt. Iedereen vreest dat het zal gebeuren en wanneer het gebeurt kan niemand weg. Alle sluizen open en een brutale wind; dus dat er gevallen zou worden zag je van mijlenver aankomen.

Twee keer smakte Liane Lippert tegen het asfalt, twee keer krabbelde ze gezwind en zonder kleerscheuren weer recht.

Niets wees er op dat Liane als eerste over de streep zou komen in Mauriac. Alles, inclusief het gemak waarmee Lotte Kopecky omhoog pedaleerde in een groepje waar niemand wilde lossen, wees op een nakende tweede zege van de leidster in haar kanariegele trui. Een uitkomst waar wij niet eens meer van hadden opgekeken, blasé als we zijn.

Zo ver kwam het helaas niet. Lekke banden komen nooit op een goed, maar soms op een uitdrukkelijk slecht moment.

maandag 24 juli 2023

TdFF2023: Hoogglanslak

INTERVIEW. Lotte Kopecky pakt eerste gele trui: “Ik heb geprobeerd om vorig  jaar los te laten” | Het Nieuwsblad Mobile

Lotte Kopecky had nog een gepeperde rekening openstaan met de Tour de France. Een ware beproeving was de eerste geweest. Mooi, zoveel aandacht voor de sport en een zee van geïnteresseerd publiek, maar als je benen je hoofd niet volgen heb je daar weinig aan. Acht dagen had ze door Frankrijk gereden met een bleke waas rond haar neus en met neerwaartse mondhoeken, haar lichaamsgewicht aan zelftwijfel achter op de fiets. Wat deed ze daar? Wie was deze schim van de renster die in het voorjaar de Strade Bianche en de Ronde van Vlaanderen had gewonnen?

 

Toen ze aan de start verscheen in Clermont Ferrand voor de start van de tweede Tour de France Femmes wist ik dat het deze keer anders zou zijn; dat ze haar betere zelf was. Soms ligt zelfvertrouwen als een subtiel laagje hoogglanslak over je vel, alsof je licht geeft.

 

“Er zal wel iemand volgen”, dacht ze, toen ze onhoudbaar wegkletste op de Côte de Durtol. Maar niemand volgde. Dat gebeurt overigens wel vaker wanneer Lotte versnelt. Ze willen wel, maar ze kunnen niet. 

Het ziet er belachelijk gemakkelijk uit. Gewoon even wat harder trappen dan de rest, alsof de rest niet uit topatleten bestaat, die even hard trainen en werken als jijzelf, topatleten die niet enkel je tegenstanders, maar ook je collega’s zijn. Winnen in een ploeg vol winnaars en kampioenen gebeurt niet vanzelf. Je grijpt de eerste kans bij de keel een prooi op je pad, je bijt erin en je lost ze pas over de streep, hoe ver die ook ligt.

 

Terwijl veelvraat Lotte Kopecky met de gele, de groene en de bollentrui op het podium verscheen (een historische gebeurtenis waar we van de VRT slechts de helft van mochten zien) en daar magnetisch stond te stralen dacht ik aan de directeur van de Tour de France Femmes, Marion Rousse, die als wielrenner een hekel had aan het moment waarop ze haar prijs moest ophalen op het podium omdat iedereen dan naar haar keek. Net als Marion Rousse houdt Lotte niet van veel belangstelling. Maar die valt lastig te vermijden als je wint, laat staan wanneer je de Tour rijdt in de knalgele leiderstrui. Ook winnen heeft een prijs.

Benieuwd wie deze blakende Lotte Kopecky uit het geel rijdt voor de Tourmalet opdaagt. 

zaterdag 22 juli 2023

TdF2023: Afscheidsbedevaart

 Tour de Franc: Thibaut Pinot fait ses adieux dans un Petit Ballon en transe  - La Voix du Nord

Ik hou niet van laatste etappes, niet van het onherroepelijke voorbijzijn dat erop volgt. Liever zou ik teruggaan naar start; naar het uur nul van dag 1, toen Parijs nog ver en alles nog mogelijk was; toen elke dag zich gulzig volzoog met vers verlangen naar gebeurtenis.

Het was de Tour van Gino, voor altijd afwezig en toch aanweziger dan ooit; elke dag meegedragen in de hoofden en de harten van de renners. 


Het was de Tour van Jasper die z’n snelste benen en een lelijke groene trui vond op Franse bodem en spontaan streken kreeg van zoveel meeval.


Het was de Tour van de Denen, die heersten met overstoorbaar flegma, een monkel om de lippen als meest uitzinnige uiting van blijdschap.


Het was de Tour van Victor en zijn tomeloze en soms hersenloze strijdlust.


Het was de Tour van de senioren, een eind in de dertig, een cv vol expertise en weerbarstigheid, alles gezien, alles meegemaakt, hoofdschuddend van ongeloof als eerste over de meet bollend.


Het was de Tour van de Spanjaarden die tot hun verbijstering en vreugde drie keer een nationale held toejuichten op dat gele podium waar in geen vijf jaar een landgenoot had gestaan.


Het was de Tour van te veel hinderlijke dollemannen, dronkelappen en dwazen langs de weg, hun broek op halfzeven, hun hoofd leger dan het blikje pils in hun achterzak; voor, achter en naast de renners hobbelend als levende obstakels.


Het was de Tour van de machtsblokken die elkaar geen kruimel gunden.


Het was de Tour van Tadej Pogacar, die met achterstand naar Bilbao reisde, van dag één het zwaard trok, het onderspit delfde, maar niet bloedend bleef liggen.

Het was de Tour van de hardste uppercut die Tadej Pogacar ooit had gevloerd.


Het was de Tour van Jonas Vingegaard, die zich nooit gek liet maken en uitblonk in consistentie.

Het was de Tour van de meest volmaakte tijdrit uit de geschiedenis van de koers, een stilistisch hoogtepunt van zwierige bochten, een opzwepende melodie in velocissimo.


Het was de laatste Tour van Tibaut Pinot, knuffelgeit van alle Fransen, die zijn laatste défilé afwerkte door een erehaag van duizenden kilometers, met apotheose door de Vogezen, waar half Frankrijk zich had verzameld voor een uitzinnige afscheidsbedevaart op de Petit Ballon, om hun held nog één keer prachtig te zien sneuvelen.


Het was de meest slopende Tour in decennia, calvarietocht in 21 staties, processie van uitgewoonde lijven en grauwe gezichten. 


Parijs is nabij. Het is bijna voorbij.

TdF2023: Tussen wielrennen en waanzin

Slovenia's Matej Mohoric wins Stage 19 of Tour de France


Tussen wielrennen en waanzin ligt geen grens, maar een uitnodigend poortje met “verboden toegang” erop, dat altijd op een kier staat. Sommige renners blijven wijselijk uit de buurt van het poortje, anderen gooien het open en stormen naar binnen met de geestdrift van een jonge en onafgerichte hond.

Victor Campenaerts behoort tot de tweede groep. Meer zelfs, Victor is de lucifer aan het kruitvat, het kind met adhd dat onbesuisd in het zwembad springt en “bommetje” roept zonder zich af te vragen of zijn vriendjes kunnen zwemmen. Victor is één van de mysteries van de moderne wielrennerij. Niemand begrijpt werkelijk en compleet wat Victor beweegt, maar dat het beweegt als Victor ergens z’n zinnen op zet is onmiskenbaar. 

Soms lijken zijn démarches zin en doel te missen. Maar wat geeft het? Driekwart van de dingen des levens hebben zin noch doel, maar maken dat leven wel een stuk amusanter.

 

Op twee dagen van de verlossende Champs-Elysées knalde een uitgewoond peloton aan een asfaltverschroeiend tempo richting Poligny, bijna hoorbaar kreunend onder een bezwerend tempo waar niemand expliciet om vroeg, maar dat niemand wist te kalmeren, alsof wij naar een winderige voorjaarsklassieker zaten te kijken. Zelfs Carl op de motor klonk alsof hij over de wegen van Gent-Wevelgem dokkerde.

Lange tijd was Victor de menner met het zweepje, rechts op de bok. Helaas zagen wij het onheil van mijlenver komen van zodra collega-menner Clarke verkrampte na minutenlang bijten, klampen en ploeteren. Ook met een hart vol moed red je het zelden alleen. Het zou weer niet, het mocht niet zijn. Courage wordt veel te zelden beloond, of hooguit magertjes, met een prijs van de strijdlust waar je zelfs geen blikje cola of een Snickers mee koopt.

 

Och kindjes, wat gind het hard. Overal kwakjes aanvallende coureurs, als wilde klodders in een werk van Jackson Pollock. Zoveel actie en reactie, om duizelig van te worden. 49,1 per uur gemiddeld. 

Het was niet meer dan logisch dat Matej Mohoric, ongeleid projectiel pur sang, de bloemen pakte na zo’n dollemansrit. Matej lijkt altijd breed en gevaarlijk te grijnzen, maar barstte abrupt in tranen uit. Tranen van uitputting, tranen van vreugde, tranen voor Gino. 

De allerlaatste etappes van de Tour zijn de hardste, met de klad in het lijf, de moed in de schoenen en de emoties haperend boven in de keel, uit te spuwen of in te slikken. Matej spuwde duizend uiteenlopende emoties in één keer op het asfalt, in een lange en overweldigende monoloog over de belachelijk zware stiel die hij bedrijft, met alle offers en kwellingen, met meer rouw en verlies dan vreugde. Niemand had wielrennen ooit zo mooi samengevat als Matej, en daarom alleen was ik blij dat hij daar stond en niemand anders.

donderdag 20 juli 2023

TdF2023: Belletje trek

 Tour de France 2023: Kasper Asgreen wins stage 18 as Jonas Vingegaard  maintains lead - BBC Sport

Toen Wout de belangrijkste bijzaak van het leven achterliet voor de belangrijkste zaak van het leven vroeg ik me af hoeveel renners hem met een zweem van afgunst zagen vertrekken. Nog 4 etappes te gaan en de meerderheid van het peloton zag eruit als overlevenden van een scheepsramp na 2 weken overleven op een onbewoond eiland.

Van de 176 renners die in Bilbao aan de start stonden zijn er intussen 25 afgestapt, wat best meevalt na 18 dagen, 2978 km, verzengende hitte en meer hoogtemeters dan humaan lijkt.

De meeste sprinters hadden zich collegiaal verzameld in de staart van het klassement en verwelkomden de laatste sprintetappe met gemengde gevoelens. Sprinten, allemaal goed en wel, maar wat blijft er over van je vermaarde explosiviteit na weken zware cols verteren en verkrampte kuiten smeren? Hoeveel kruit zat er nog in de vaatjes?

 

Rode lantaarn van dienst heet Michael Mørkøv, 38 jaar en een klets, misschien wel de beste lead-out renner van de wereld; de man die Mark Cavendish, Elia Viviani, Sam Bennett en Fabio Jakobsen aan gemarkeerde Touretappezeges hielp. Wat moet een senior lead-out in de Tour als zijn sprinter naar huis is? Michael wilde er nog wat van maken en kondigde aan dat hij bij gebrek aan opdracht zelf zou meesprinten, een opmerkelijk en dapper besluit.

 

Wat Jasper Philipsen dwars zat weten we niet. Slecht geslapen, muggen in de kamer of de koffie bij het ontbijt te slap? Niemand vertolkte het fenomeen van korte lontjes na wekenlange sloopwerkzaamheden beter dan Jasper, kwaad kibbbelend en kijvend in het peloton. Je zou denken dat een sprinter een beetje chill op de fiets zit wanneer hij al meer etappes heeft gewonnen dan betamelijk heet, maar misschien is winnen zo verslavend dat je de ontwenningsverschijnselen vreest. 

Alle geregistreerde akkefietjes kwamen voort uit het feit dat sommige ploegen, een sprinter ontberend, deze laatste Frans platte etappe liefst niet in een massasprint zagen eindigen. Een begrijpelijke reflex van de laatste kansen, want niemand krijgt graag telefoon van een malcontente baas, die zelf dan weer niet gebeld wil worden door een verbolgen sponsor.

 

Tot een massasprint kwam het niet, alle voortekenen ten spijt. De 4 in de vlucht gooiden alles wat hen nog restte in de strijd.

Kloeke kopgroepjes die stand houden tegen een hitsig jagend peloton zijn mijn favoriete kopgroepjes. Ze zijn zeldzaam en deugddoend als een zonnige dag in november. Ze dagen de voorspellingen en pronostieken uit als buurtkinderen die belletje trek doen tot er iemand opendoet en luid lacht.

woensdag 19 juli 2023

TdF2023: Krak

 Tour de France 2023: “I'm Gone. I'm Dead.” Tadej Pogačar Cracks on Stage 17

115 km per uur. Op twee bandjes. In een lycrapakje dat weinig meer om het lijf biedt dan een badpak. Wie klimt zal vroeg of laat moeten dalen, maar moet dat echt als een neerstortend rotsblok?

Ik geef toe dat ik weekhartig ben. Sommige afdalingen doen mijn bloeddruk pieken, zelfs met een rijtje matrassen in een extragevaarlijke bocht, een ingreep waar ik de organisatoren en de rennersvakbond dankbaar voor ben. 

 

Rit 17 leidde een uitgewrongen peloton langs idyllische Alpenpanorama’s, waar iedereen behalve de renners van genoot.

Tadej Pogacar smakte vrijwel meteen tegen het asfalt, alsof het universum hem eraan wilde herinneren dat tegenslag zelden alleen komt.

In de afdaling van de Longefoy zagen wij Egan Bernal vallen in een gemene bocht. Wie tegen een bus knalt en aan die frontale botsing een gebroken ruggenwervel, een gebroken dijbeen, een gebroken knieschijf, een borsttrauma, een geperforeerde long en een rij gebroken ribben overhoudt zou voor altijd gespaard moeten blijven van fietsgerelateerd fysiek leed. 

Tom Pidcock, nochtans een meesterdaler, reed op 12 minuten van de kop van de koers en besefte dat ook zijn kelk tot op de bodem leeg moest.

 

En toen moest het dak van de Tour, de Col de la Loze nog komen, door Tourbaas Prudhomme omschreven als “het prototype van de col van de 21e eeuw”. Wat Christian bedoelt is dat het een rotcol is, een pesterige opeenvolging van wreedaardig steile stukken, 28 km onversneden ellende met een sadistisch staartje van 24 %, maar dat klinkt natuurlijk wat minder lekker.

De SUV van Lille sleurde aan kop tot de wetten van de zwaartekracht het welletjes vonden. Truitjes werden opengeritst. Tronies van Permeke overal. Alleen Jonas Vingegaard zag eruit als een onbezorgde tiener op fietskamp, lentefris, net niet fluitend omdat fluiten aanmatigend zou zijn.

 

Op 14 km van de verlossende streep legde de Tour zich kreunend in de plooi. Alle animo en aanvalsdrift leken weggetrokken uit het doorgaans jolige gezicht van Tadej Pogacar. Het licht ging uit; de schakelaar was kapot. 

De koortslip, de subtiele zorgelijke frons, de witte lippen: we hadden ze ons niet ingebeeld. “Always with Tadej”, hoorden wij de ploegleider gelaten zeggen. “I’m gone. I’m dead”, zei een lijkbleke Tadej, die z’n lot recht in de ogen keek en wist dat het voorbij was. Krak zei mijn hart. Maar er was geen tijd om te treuren, want daar stond Jonas Vingegaard geparkeerd achter een Tourauto, alsof er geen koninginnenetappe op het spel stond, alsof de grootste en belangrijkste wielerwedstrijd van de wereld georganiseerd werd door de lokale jeugdbeweging. Niet dat het er nog heel veel toe deed. De strijd is beslecht.